De historische periode die volgde op de bronstijd wordt ook wel de ijzertijd genoemd. In deze periode maakte de mensheid de overstap van het gebruik van brons naar ijzer voor het maken van gereedschappen en wapens. De ijzertijd wordt vaak onderverdeeld in verschillende subperiodes, afhankelijk van de regio en de ontwikkelingen die daar plaatsvonden.
De ijzertijd duurde van ongeveer 1200 voor Christus tot de komst van de Romeinen in West-Europa, rond het begin van de jaartelling. Tijdens deze periode werden er grote stappen gezet op het gebied van metaalbewerking en landbouwtechnieken. Ook ontstonden er nieuwe culturen en samenlevingsvormen, die vaak gekenmerkt werden door het gebruik van ijzeren werktuigen en wapens.
De overgang van de bronstijd naar de ijzertijd markeert een belangrijke fase in de menselijke geschiedenis, waarin technologische en sociale ontwikkelingen elkaar in rap tempo opvolgden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de ijzertijd een fascinerende periode is voor archeologen en historici, die proberen de geheimen van deze tijd te ontrafelen aan de hand van opgravingen en onderzoek.